(5) Hartverwamend Tanzania + waar een stewardess geen parfum voor mee heeft

De vlucht naar Tanzania is anders dan ik me had voorgesteld. Ik vlieg inmiddels ruim vijf jaar en ben al op divers Afrikaans grondgebied geweest, van Nigeria naar Oeganda, Zuid-Afrika en Kenia. En vandaag vlieg ik voor het eerst naar Tanzania in Oost-Afrika.

Iets na tienen in de ochtend vertrekken we zaterdag met de airbus A330-200 richting de eerste bestemming van die dag: Kilimanjaro. Acht uur en drie kwartier duurt de vlucht, dat is ruim twee uur langer dan de vlucht naar Lagos waar ik vorige week nog was. Daar bovenop komt nog de transit-stop en de vlucht van Kilimanjaro naar Dar es Salaam waar we om negen uur ’s avonds landen. Als alle 240 passagiers van boord zijn halen we onze koffers, stappen in de crewbus en komen rond tien uur ‘s avonds aan in het hotel. En dat had ik me vanochtend toen ik van huis ging niet bedacht! Tussen van huis wegrijden en in het hotel aankomen zit in mijn geval 16 uur, terwijl ik uitging van een uurtje of 11, 12 maximaal.

Safarigangers en ontwikkelingswerkers
Maar waarover ik me ook verbaasde die dag waren de passagiers. Op vluchten naar de eerder genoemde Afrikaanse bestemmingen is het merendeel van de passagiers van Afrikaanse afkomst en zie ik vrouwen in kleurrijke jurken die mooi contrasteren bij hun donkere huid, mannen in gekleurde gewaden, baby’tjes in draagzakken op de rug van hun moeder, grote hutkoffers vol weet-niet-wat. Vandaag zag het er ietsje anders uit. Safarihoedjes, mannen met gele afritsbroeken en vrouwen in rode broeken met wijde pijpen. Blanke huiden, grijze haren en Gandhi brillen domineren het beeld aan boord.

Ik hoef niet te twijfelen of ik wel op de goede vlucht zit, deze passagiers gaan zeker weten naar Afrika! Vakantiegangers op weg naar het Serengeti national park en de Ngorongoro-krater en ontwikkelingswerkers op weg naar hun project. Een heel ander soort passagiers dan waar ik me eerder die dag op had voorbereid.

De cateraar zat waarschijnlijk op dezelfde golflengte als ik, want de maaltijdkeus bestond uit vis of vegetarisch. Afrikanen houden wel van een visje, maar laten we nou vooral heel veel westerlingen aan boord hebben die massaal voor de vegetarische pasta kiezen. Would you like fish with rice or vegetarian pasta? Iedereen kiest veggie en om nog keus te houden verander ik van woordkeus. Would you like pasta or “white fish in Thai curry sauce”. Ik zou zelf dan wel zin in de vis krijgen maar de passagiers zijn niet gek… Ze vragen massaal “What comes with the pasta?” en ik probeer mijn antwoord zo simpel mogelijk te houden: some spinach, it’s vegetarian. Dan heb je toch zin in die vis! Maar nee…Pasta it is. Al snel zijn we door de pasta heen en krijgen de passagiers die nog geen maaltijd hebben ongewenst vis op het menu. We schrijven een brief aan de cateraar die hopelijk de volgende keer ‘gewoon’ voor kip en pasta kiest op deze bestemming!

Zoals al gemeld is het al laat en pikkedonker als we aankomen in Tanzania. In het hotel sluiten we de dag af met een koud drankje op het terras buiten. De temperatuur is nog ergens rond de 25 graden maar desondanks trek ik een lange broek en shirtje met lange mouwen aan, en de onbedekte lichaamsdelen smeer ik in met een laagje naar citroen ruikende DEET. Misschien licht overdreven want er is geen mug te zien, maar het voelt wel lekker veilig zo.

Zondag in Tanzania begin ik de dag met een verse kokosnoot en wat verse vruchten. Wat een luxe om zo aan te kunnen schuiven, en gezellig met collega’s te ontbijten. Hier in het hotel zou je vergeten dat je je in een derdewereldland begeeft en eigenlijk wil ik nog wel even wat van de omgeving zien. Na het ontbijt loop ik samen met een collega de straat op, er zou ergens een marktje om de hoek zijn maar na een uur wandelen denken we die niet meer tegen te komen. We lopen lekker door en verbazen ons over het groen langs de kant van de weg. Ik heb het gevoel in een botanische tuin te wandelen, waarbij er zo af en toe een knetterend brommertje of bajajis (soort tuktuk) voorbij scheurt.

Jambo, Mambo!
Iedereen op straat groet ons met een glimlach en roept ‘Jambo’ of ‘Mambo’. We glimlachen, en roepen ook vrolijk Jambo terug. Een enkeling zegt Karibu, `Welkom` in het Swahili. Ook dan lijkt Jambo! mij een prima antwoord. We proberen het verschil tussen Jambo en Mambo te achterhalen maar komen er zelf niet uit. We vragen het de ober bij het Sea Cliff Court, een hotel waar we even bijkomen en afkoelen met een ijskoude koffie onder een parasolletje. Mambo betekent dus ook wel zoiets als “what’s up?”. Wil je echt cool zijn dan antwoord je met ‘Poa’ of ‘Fresh!’, maar helaas vertelt onze vriend de ober dit er niet bij. Dit horen we pas op de terugreis aan boord van de purser die een studie Swahili aan het volgen is. Onthouden voor de volgende trip!

Helaas kan je op een 24-uurs stop geen goed beeld van een land krijgen, maar wat ik er van gezien heb is vooral mooi. Ik voelde me volkomen veilig op straat, mensen tonen je een warme glimlach, de gebouwen zijn goed onderhouden en alles ziet er netjes uit. Terug in het hotel duik ik gelijk het zwembad in, hopend hier wat verkoeling te vinden. Ik kom er bedrogen uit want het water had minstens de buitentemperatuur aangenomen en ik vind het geen succes. Inmiddels is iemand van het hotel al een bedje met handdoek voor me aan het klaarzetten op de plek waar ik mijn tas had neergelegd, naast een paar collega´s. Met een vriendelijke glimlach toont hij me een mooi plekje in de schaduw. Wow…ik ben wederom verrast door deze vriendelijke (en pro-actieve) service!

Terug naar Amsterdam
Om acht uur ’s avonds is het alweer ‘calling’ tijd. Voorslapen is me niet gelukt maar ik heb nog wel even twee uurtjes kunnen rusten met een boek en een lekker muziekje op mijn telefoon. De terugvlucht gaat rechtstreeks van Dar es Salaam terug naar Amsterdam en daardoor duurt deze ‘maar’ zo’n 9 uur en een kwartier. In de businessclass raak ik aan de praat met een vijftal dames die in Dar es Salaam wonen. Deze vrouwen hebben het goed, dat zie je aan alles, maar ook deze vrouwen hebben zo’n vriendelijke en hartverwarmende instelling dat ik er helemaal blij van word.

Nare luchtjes
Ik word verderop in het vliegtuig aangesproken door een man. Zijn achterbuurman heeft zweetvoeten en hij vindt de lucht niet te harden. Tja…wat doe je dan? Ik ruik inderdaad zweetvoeten en weet ook wie het veroorzaakt, maar daarnaast ruik ik ook her en der andere onprettige transpiratiegeuren. Niet gek als je je bedenkt dat het behoorlijk heet was op de luchthaven in Tanzania. Moet ik de passagier vragen zijn schoenen aan te doen? Dan hebben we nog steeds last van andere zweetluchtjes. Of kan ik de man die er last van heeft een andere stoel aanbieden? We hebben amper open stoelen dus dat laatste wordt lastig. Ook hierover communiceren is lastig want als ik met het ‘slachtoffer’ op 14A praat hoort en ziet ook de ‘veroordeelde’ op 15A wat ik zeg en doe. Fluisterend wordt me gevraagd of ik geen parfum bij me heb waarmee ik kan sprayen. Een stewardess zonder parfum bestaat niet dus ik zeg hem dat ik zijn vraag begrijp, maar vraag ook of hij begrijpt dat ik daar niet aan kan gaan beginnen. Alsof hij zich door mijn antwoord niet serieus genomen voelt zegt hij dat zijn buurman ook getuige is van de zweetvoeten. Alsof ik het zelf niet ruik! Ik geef de man nogmaals gelijk, het ruikt niet prettig. Ik zal een wc-verfrisser halen en deze stiekem sprayen. Hopelijk is het onderwerp nu klaar want ik vind het lastig hierover uitgebreid te praten terwijl er zo’n 50 cm afstand is tussen het ‘slachtoffer’ en de ‘veroordeelde’. Uiteindelijk is het voor de man nog niet goed en besluit hij demonstratief met een naar lavendel ruikende hot towel over zijn neus te gaan zitten. Ik hoop dat deze passagier voortaan een privé vlucht kan betalen, zodat hij kan voorkomen tussen de nare luchtjes in een vol vliegtuig met 240 passagiers te moeten zitten.

Verder zit er een vrouw aan boord waarbij er steeds een paar tranen over haar wangen rollen. Ze heeft twee weken in een weeshuis meegeholpen en is in die korte tijd geraakt door wat ze gezien heeft en weer heeft moeten achterlaten. Andere passagiers vertellen over hun bijzondere safari. Er zijn veel verhalen, maar na een paar uur vliegen liggen de meeste passagiers te slapen in hun stoel. De nacht is aangebroken en de lichten gaan uit… Om zeven uur landen we weer op Schiphol en zo´n twee uur later is het voor mij dan ook eindelijk bedtijd. Terwijl iedereen op maandagochtend zijn bed weer uit moet na het weekend, kruip ik er lekker in!

7 gedachten over “(5) Hartverwamend Tanzania + waar een stewardess geen parfum voor mee heeft

  1. Heeey Linsey,

    Wat heb je weer een leuk stukje geschreven! En wat naar van die man met de zweetvoeten. Je kan inderdaad moeilijk vragen of die kan ophouden met ruiken of hem bedwelmen met parfum.
    Wat leuk dat je zo hartelijk door iedereen werd ontvangen!
    Misschien kom je er nog een keer en kun je er dan wat langer verblijven!

    Groetjes,

    Talitha Kraa

    1. Hoiii Talitha,
      Wat leuk dat je het alweer gelezen hebt 🙂 Je bent over 4 jaar zo goed op de hoogte dat je ongetwijfeld direct wordt aangenomen, ik hoop dat de tijd voorbij vliegt en je snel aan de slag kan! Groetjes Linsey

  2. Hey Linsey! Ja, die vis of pasta…. vreselijk!! Ik had vorige week naar Vancouver hetzelfde probleem. Ik snap de keuze ook niet, maar ja. En die vis is trouwens heerlijk, haha. Gaat verder alles goed met je? Groetjes,
    Danielle.

    1. Heee Danielle! Klopt, de vis is top! Maar probeer dat de pax maar eens te vertellen… Alles goed met je? Hoe bevalt het vliegen en het moederschap? Vlieg je 50/67%? Met mij ook alles goed, 50% en erg blij met m’n beide werkgevers. Hoop je weer eens te zien aan boord! Dag!

  3. Tanzania is echt een geweldig land als ik de verhalen moet geloven. Aantal familieleden zijn er meerdere keren geweest en altijd komen ze terug met dezelfde verhalen als jij: super vriendelijk, altijd een glimlach paraat en erg behulpzaam…kan niet wachten tot ik het geld heb om daar eens een maandje rond te trekken…

Geef een reactie